Over zonnebrand bestaan sterke meningen. De een smeert nooit, de ander zegt dat je het altijd op moet doen. En online duiken telkens dezelfde claims op: zonnebrand zou huidkanker veroorzaken, je hoeft niet te smeren als je al bruin bent, of de stoffen erin verstoren je hormonen.
In een aflevering van De Healthcast neemt een arts deze mythes stuk voor stuk door. We vatten de kern voor je samen: wat klopt er echt, welke SPF heb je nodig, hoe vaak moet je smeren, en hoe zit het met bruin worden en vitamine D.
Bekijk of beluister de aflevering
Deze uitleg komt uit onze podcast. Liever kijken of luisteren? De hele aflevering staat hieronder en op Spotify.
De kern in het kort
Zonnebrand werkt. Het verlaagt aantoonbaar het risico op huidkanker en remt huidveroudering. Dat is in Australische studies, zelfs in loting-onderzoek, overtuigend aangetoond.
Voor dagelijks gebruik is SPF 30 prima. Ga je echt de zon in, dan is SPF 60 een goede keuze. Smeer genoeg (ongeveer een shotglas voor je hele lijf) en herhaal het, zeker na het zwemmen.
Bruin worden geeft maar een klein, tijdelijk beetje bescherming. En zonnebrand veroorzaakt geen huidkanker, integendeel.
Wat doet de zon eigenlijk met je huid?
De zon stuurt straling de ruimte in. Een deel daarvan is ultraviolet licht (UV): zo paars dat je het niet kunt zien. Er zit veel energie in, en wat veel energie heeft, kan dingen kapotmaken.
UV bestaat uit drie soorten. UVC wordt door de atmosfeer weggevangen, dus daar heb je geen last van. UVA en UVB bereiken wel je huid. Een handig ezelsbruggetje uit de aflevering: UVA staat voor aging (veroudering), UVB voor browning (bruin worden). Niet honderd procent exact, maar het geeft de richting aan.
UV-straling kan je DNA beschadigen. Beschadigd DNA kan muteren, en dat kan op termijn leiden tot huidkanker. Daarnaast veroudert UV je huid zichtbaar. De arts noemt de bekende voorbeelden van vrachtwagenchauffeurs van wie de ene gezichtshelft jaren ouder oogt dan de andere, puur door zonlicht door het zijraam.
Mythe 1: zonnebrand veroorzaakt huidkanker
Dit is misschien de hardnekkigste claim, en hij klopt niet. Hij komt voort uit een denkfout: mensen die zich vaker insmeren, krijgen ook vaker huidkanker. Maar dat komt doordat ze ook vaker buiten zijn en dus meer zon vangen.
De arts: “associaties zijn geen causale verbanden.” Pas als je twee groepen met dezelfde zonblootstelling vergelijkt, kun je het effect van de creme zelf zien. Precies dat is gedaan in Australische loting-studies, waarbij de ene groep echte zonnebrand kreeg en de andere een nepproduct, zonder dat ze wisten wat.
De uitkomst: het risico op alle drie de soorten huidkanker neemt af. Voor de twee meest voorkomende vormen is dat zeer goed aangetoond. Voor het melanoom is de data ook overtuigend genoeg dat het risico daalt.
We zijn de laatste decennia steeds meer zonnebrand gaan gebruiken, maar tegelijk ook veel vaker op zonvakantie gegaan. Dat de huidkanker toch toeneemt, komt door die extra blootstelling, niet door de creme.

Mythe 2: de stoffen in zonnebrand zijn ongezond
Er zijn grofweg twee soorten. De chemische varianten gebruiken organische stoffen die UV-licht absorberen. De minerale varianten gebruiken zinkoxide of titaniumdioxide.
Lang werd gezegd dat van chemische zonnebrand vrijwel niets in je bloed komt. Een studie liet zien dat dat niet helemaal klopt: een paar procent van sommige stoffen wordt wel opgenomen. Dat zorgde terecht voor vragen.
Maar toen werd per stof onderzocht of die hoeveelheid je hormonen of stofwisseling verstoort. Het antwoord is nee. De stof met de hoogste opname, oxybenzon, werd gemeten bij mensen die zich drie dagen lang elke twee uur insmeerden. De piek lag nog altijd vijf tot zes keer onder het niveau waarop verstoring aannemelijk zou zijn. Dat is een ruime veiligheidsmarge.
Wil je het toch helemaal zeker, kies dan een minerale zonnebrand met zinkoxide of titaniumdioxide. Daarvan zeggen instanties duidelijk dat die veilig is. Je moet er wat beter naar zoeken, en ze geven iets meer waas op de huid, maar er zijn prima varianten waarbij dat meevalt.
Mythe 3: ben ik bruin, dan ben ik beschermd
Een bruine huid biedt enige bescherming, maar minder dan je denkt. Bedenk hoe je bruin werd: door UV-blootstelling. Je lichaam maakt meer melanine aan, en dat absorbeert een deel van het UV-licht. Je huid wordt ook iets dikker.
Maar het is tijdelijk. Na een paar keer vervellen is het weer weg. Je hebt dus al flink wat straling moeten ondergaan voor een beschermlaagje dat ook nog eens snel verdwijnt. In SPF-termen scheelt bruin worden ongeveer een sprong van factor 3 naar 5. Niet veel.
Reken jezelf dus niet rijk met een kleurtje.

Mythe 4: een donkere huid heeft geen zonnebrand nodig
Je huidtype maakt uit. De Fitzpatrick-schaal loopt van 1 (heel licht, verbrandt snel) tot 6 (heel donker). Het natuurlijke beschermingsniveau van de huid loopt ongeveer van SPF 0 tot 15.
Dus zelfs het allerdonkerste huidtype zit rond SPF 15: dat betekent ongeveer vijftien keer langer in de zon voor dezelfde schade. Dat helpt, maar er komt nog steeds UV-schade binnen, en huidveroudering treedt ook gewoon op.
Heb je een lichte huid en verbrand je snel zonder bruin te worden (vaak huidtype 1), dan moet je juist extra opletten.
Mythe 5: kleding, wolken en glas beschermen je volledig
Allemaal maar gedeeltelijk. Een dun T-shirt is ongeveer SPF 5. Echt zonwerende kleding haalt SPF 50 of 60, maar ook dat is geen honderd procent.
Wolken houden je niet veilig. Een bewolkte dag laat minder zichtbaar licht door, maar het grootste deel van de UVA, de verouderingsstraling, komt er gewoon doorheen.
Glas blokkeert vooral UVB, niet zo goed UVA. Achter glas verbrand je niet en word je niet bruin, dus het voelt veilig. Maar de UVA die schade en veroudering veroorzaakt, komt er wel doorheen. Vandaar opnieuw die vrachtwagenchauffeurs.

Zo gebruik je zonnebrand goed
SPF zegt hoeveel je de blootstelling vertraagt. Met SPF 60 krijg je in een uur ongeveer evenveel UV binnen als zonder bescherming in een minuut, mits je het goed aanbrengt. Drie keer factor 30 smeren is geen factor 90: zo werkt het niet.
De grootste fout is te weinig en te weinig vaak smeren. Voor je hele lijf reken je ongeveer een shotglas (rond de 30 ml), vaak vertaald naar zeven theelepels. En denk om je timing: leg je je handdoek op het strand neer, dan ben je eigenlijk al te laat, want de wandeling vanaf de auto telt al mee.
Let ook op waterproof-claims. Die zijn vaak getest met iemand die zestig minuten stil in een bad zit. In het echt zwem je, spartel je en droog je je af. Smeer dus opnieuw na het water.
De arts smeert zelf inmiddels elke dag, ook in de winter, simpelweg omdat het dan in zijn routine zit. “Practice what you preach.”
Lees ook
Veelgestelde vragen
Welke SPF heb ik nodig voor dagelijks gebruik?
Voor de meeste dagen is SPF 30 prima. Ga je echt de zon in, bijvoorbeeld op het strand of een hele dag buiten, dan is SPF 60 een goede bescherming. Boven de 60 wordt het twijfelachtig hoe betrouwbaar de opgegeven factor nog is. Omdat mensen gemiddeld te weinig smeren, kun je beter iets hoger pakken dan je denkt nodig te hebben.
Hoe vaak en hoeveel moet ik insmeren?
Voor je hele lichaam reken je ongeveer een shotglas, zo’n 30 ml, vaak omschreven als zeven theelepels. Belangrijker nog is herhalen: smeer opnieuw na het zwemmen of afdrogen, en blijf het gedurende de dag onderhouden. De meeste mensen smeren genoeg de eerste keer, maar vergeten daarna bij te smeren. Smeer ook voordat je in de zon gaat, niet pas als je je handdoek neerlegt.
Word je nog bruin met zonnebrand op?
Ja, je wordt nog steeds bruin, alleen langzamer, want zonnebrand vertraagt de UV-blootstelling maar blokkeert die niet volledig. Bedenk wel dat bruin worden betekent dat er UV-schade is opgetreden. De extra bescherming van een bruine huid is klein (ongeveer een sprong van SPF 3 naar 5) en bovendien tijdelijk: na een paar keer vervellen is hij weer weg.
Blokkeert zonnebrand mijn vitamine D?
Zonnebrand absorbeert UV-licht en remt daarmee de aanmaak van vitamine D, maar niet volledig. In de praktijk is dat meestal geen probleem. In de zomermaanden is op onze breedtegraad ongeveer 10 tot 15 minuten buiten met een derde van je lijf onbedekt al genoeg voor je vitamine D (bij een donkere huid eerder 20 tot 30 minuten). Twijfel je of je genoeg binnenkrijgt, neem dan een vitamine D-supplement. In de winter maakt je huid hier sowieso vrijwel geen vitamine D aan, omdat de zon te laag staat.
Veroorzaakt zonnebrand huidkanker?
Nee. Die claim komt voort uit een denkfout: mensen die meer smeren zijn ook vaker buiten en vangen dus meer zon. In loting-studies waarbij de zonblootstelling gelijk was, verlaagt zonnebrand juist het risico op huidkanker. Een associatie is geen oorzakelijk verband.
Moet ik smeren als ik vooral binnen of in de auto zit?
Achter glas verbrand je niet, maar glas blokkeert vooral UVB en niet goed UVA, de straling die je huid veroudert en kan beschadigen. Zit je veel in de auto of bij een raam, dan is dagelijks smeren van onbedekte huid (gezicht, armen) verstandig. Hetzelfde geldt op bewolkte dagen: het grootste deel van de UVA komt door de wolken heen.